Vos actions : Créer un document, voir la page générale.

Copel - Cobes

Collectif des praticiens de la parole - Collectief voor het Behoud van het Spreken
Home /

Taal op het laagste niveau

Carlo De Panfilis

Racisme, of haat ten opzichte van deAnder, ruiltzijn doelwitten voor andere in, naargelang de manier waarop de vormen van sociale band wijzigen. (1)

Het geglobaliseerde kapitalistisch economisch systeem, de wetenschap en de technologie hebben nieuwe sociale posities gedefinieerd. Het opleggen van het Universele in elke sociale orde heeft voor fundamentele veranderingen in het veld van de ethiek gezorgd. De vrije markt van het liberalisme heeft geleid tot een terugtrekking op het niveau van sociale rechten. Het tegenwicht van de interne markt is uitgemond in het intensifiëren en uitbreiden van segregatieprocessen en een vermindering van het gemeenschapsgevoel. Enerzijds zijn we dus getuige van een gegeneraliseerde en meervoudige homogenisering van de vormen van genieting die sociale banden fragmenteren, een hedonistisch individualisme introduceren, en het ontbreken van de genieting zelf net doen toenemen én verbergen. Anderzijds bevinden we ons te midden van meerdere productieve, economische en sociale crisissen, met verlies van verworven burgerrechten, die op een toename van immigratie stuiten. Hieruit volgt dat de huidige subjectiviteit gekarakteriseerd wordt door een fragmentatie van zowel de sociale banden als van de mogelijkheid om zichzelf te herkennen als deel van een gemeenschap.

De oplossing die vooropgesteld en verdedigd wordt door het zogenaamde “populisme” is de vestiging van een unificerende identiteit. Ofwel vindt de constructie van deze identiteit zijn oorsprong in een zekere interne specificiteit van het individu dat opgeëist moet worden, ofwel is het een identiteit die in tegenstelling staat tot een extern anders-zijn, gedefinieerd in deze tegenstelling tot het andere. Voor de individuen die zichzelf niet kunnen herkennen in deze gemeenschappelijke constructie, is de enige gedeelde identiteit deze van de collectieve driften en angsten in naam van een absoluut meesterschap over alle vormen van genieting en de verwerping van het verschil.

Hier worden de nieuwe vormen van identiteitsconformisme geboren. De gehechtheid aan een bepaald type van identiteit bevordert radicaliseringsprocessen en voedt conflicten. Dit voeden van conflicten wordt ondersteund en nagestreefd door een taal die geen vertoog of dialoog voortbrengt, maar enkel eisen stelt aan, en verwerping vereist van de ander, zo culminerend in zijn meest radicale en gegeneraliseerde uitkomst : de angst om vervangen te worden. Dit proces houdt zichzelf in stand en introduceert ernstige risico’s op ontmenselijking. We aanhoren politieke leiders die voorspellen dat een “etnische substitutie”, verlangd door zowel interne politieke krachten als door internationale “krachtcentra”, aan het plaatsvinden is in ons land (2). De toon van deze aankondigingen kan lichtjes variëren, maar hun betekenis niet : “Ik aanvaard de lus soli niet in Italië, het is een substitutie van volkeren” ; “Een etnische vervangingsoperatie komt eraan, gecoördineerd door Europa”. We hebben als dusdanig een conflict dat een taal zonder woorden produceert, dat niet dialectisch bestreden kan worden omdat het zichzelf positioneert als een “wij” dat niet enkel bedreigd wordt met “eliminatie”, maar zelfs met “substitutie”.

Met de introductie van het onbewuste en de daaruit volgende subjectieve verdeling gaat het werk van Freud in tegen de idee van een unificerende identiteit. Lacan zegt : “De idee van een unificerende eenheid van de menselijke conditie heeft op mij altijd het effect van een schandalige leugen gehad” (3). De taal die streeft naar een unificerende identiteit doet een beroep op“waarden”, zoals deze van een etnische of religieuze identiteit, dewelke hun kracht putten uit het gepresenteerd worden als “waarheid”. Het is een taal die in verscheidene vormen uitgedrukt kan worden, evocatief en eenvoudig te presenteren in de vorm van een beeld, gaande van de ogenschijnlijk “ware” en gewichtige zin, tot vormen van communicatie waarvan de emotionele impact groot is, maar waarvan de dialectische inhoud nihil is. Taal op het laagste niveau, waarvan de rijkdom sierlijk, iconisch, indrukwekkend wordt, werpt prikkeldraad op tegen het anders-zijn en daarmee ook tegen de democratie.

(1) Laurent, E. (2016 [2014]), “Le racisme 2.0”, via LACAN, Nr. 1, 139-145.

(2) De auteur heeft het over Italië (Nvdv)

(3) (2) Lacan, J., Intervention at Johns Hopkins University, Baltimore (18-21/10/1966)

Vertaling : Elien Decock